Rabbijn Izak (Ies) Vorst vertelt hoe hij, zijn ouders, zijn oudere zus en z'n twee broers de concentratiekampen Westerbork en Bergen Belsen overleefden. Zijn moeder haalde het eind van de oorlog niet: ze stierf in een Duitse goederentrein-wagon vlak voordat ze bevrijd werden door de Russen.