In het verre verleden had het Joodse volk profeten die onder ons rondliepen. Het lijkt daarom moeilijk te begrijpen waarom onze voorouders zo vaak problemen hadden om naar G-d terug te keren. Onze profeten hielden zichzelf namelijk niet tegen om G-ds waarschuwingen door te geven. Rabbijn Wasserman (1874-1941) schreef dat dit lag aan hun tegenhangers: de valse profeten van Baäl. Voor elke waarschuwing van de profeten van G-d, bestempelden de valse profeten hen als ‘boodschappers van onheil’.