‘Alles ligt in puin. Ik hoopte nog wat spullen te kunnen redden, maar van mijn huis is niets meer over. Ze hebben alles kapotgeschoten.’ Ze stopt even, wankelt en zegt: ‘Ik besef nu pas wat ik gezien heb.’
Sluiten
‘Alles ligt in puin. Ik hoopte nog wat spullen te kunnen redden, maar van mijn huis is niets meer over. Ze hebben alles kapotgeschoten.’ Ze stopt even, wankelt en zegt: ‘Ik besef nu pas wat ik gezien heb.’